Contact Informatie

De Ark van Noach en de bulldozer

Als projectleider had ik eens te maken met een opdrachtgever waar ik een ongelooflijke moeite mee had. Het project zelf was ontzettend leuk. Ik moest samen met professionals een nieuwe werkwijze implementeren. Het liep goed en ik had het goed naar mijn zin. Alleen, die opdrachtgever…. Met het zweet op mijn rug betrad ik maandelijks zijn kamer voor de voortgangsbespreking. Het was een aardige, sympathieke man. Hij was alleen zo ontzettend scherp en slim én maar twee jaar ouder dan ik. Elke keer was ik bang dat hij met een paar priemende vragen precies wist te ontleden dat het met mijn project helemaal niet zo goed ging als ik het aan hem voorstelde. Niet dat ik het bewust mooier maakte dan het was. Nee, ik was bang dat hij dingen zag die ik niet aan zag komen en dan zou dat betekenen dat ik een slechte projectleider was en dan zou hij geen vertrouwen meer in me hebben, en dan werd ik misschien van het project gehaald, en dan was ik mislukt, en dan…en dan….Kortom, gelijkwaardig kon je onze relatie niet noemen.

Dit had grote consequenties voor het project zelf. Ik was vooral bezig ervoor te zorgen dat ik alle mogelijke vragen van de opdrachtgever kon beantwoorden. Beheersing van het project kwam op de eerste plaats te staan. Alle creativiteit en vernieuwing sloeg ik er vakkundig uit. Ik probeerde zoveel mogelijk onder de radar te blijven. Bang dat mijn project kritische vragen zou oproepen. En zo, kwam het onvermijdelijke. Ik hoorde op de wandelgangen dat mijn opdrachtgever een projectleider zocht die een nieuw project zou opstarten waarbij de nieuwe werkwijze meer top-down zou worden geïmplementeerd. Het was duidelijk dat mijn project onvoldoende toegevoegde waarde had in de ogen van mijn opdrachtgever.

Ik maakte me ernstige zorgen. Het was een paar dagen voor mijn maandelijkse voortgangsbespreking en ik wist dat ik iets moest doen om het naderende lot af te wenden. Mijn eerste reflex was om nog eens goed naar de rapportage te kijken. Klopte alles? Waar zou hij kritische vragen over kunnen stellen en wat zou ik dan antwoorden? Ik voelde me kleiner en kleiner worden. Op de ochtend van het onvermijdelijke gesprek kreeg ik onder de douche een inval. Ik bedacht me hoe kleiner ik me bij hem voelde, des te eerder hij over me heen zou walsen. Als ik me nou eens even groot als hij zou opstellen? Wat zou er dan gebeuren? Ik had feitelijk niks te verliezen. De kans dat ik het project kwijtraakte was toch al groot. Vol energie sprong ik onder de douche vandaan en haastte me naar kantoor. Ik gooide de presentatie met de laatste rapportage weg en zocht op internet twee foto’s. Eén van de Ark van Noach en een van een bulldozer. Ik printte ze uit en snelde naar het kantoor van mijn opdrachtgever.

arkHij gaf aan dat hij weinig tijd had. Ik zei dat het geen probleem was. Ik had hem immers maar twee plaatjes te laten zien. Verwonderd keek hij me aan. Ik voelde mijn zelfvertrouwen groeien. Ik liet als eerste het plaatje van de Ark van Noach zien en zei: “Kijk, ik ben al lange tijd bezig het draagvlak te creëren voor het project. Dat kost tijd, want we willen iedereen meenemen. Ik neem tenminste aan dat je die mening nog steeds bent toegedaan.” Hij knikte en keek me vragend aan. Ik liet hem vervolgens het plaatje van de bulldozer zien. “Nu is mij ter oren gekomen dat je een nieuw project wilt starten dat dezelfde doelen nastreeft. Wat mij betreft ga je dan als een bulldozer dwars door ons zorgvuldig opgebouwde werk heen en dat is niet goed voor de organisatie.” bulldozerIk merkte dat ik me rustig en sterk voelde. Mijn opdrachtgever was even stil. “Dit is de beste voortgangsrapportage die ik van je gehoord heb”, zei hij bedachtzaam. “Vertel me meer over wat je gedaan hebt om dat draagvlak voor elkaar te krijgen.”

Robertjan Uijl