Contact Informatie

Programmatisch Creëren

Hans Licht heeft samen met Jo Bos en Anne Jette van Loon het boek Programmatisch Creëren (Scriptum, 2013) geschreven. Het sluit aan bij de bekende projectmanagement-benadering Projectmatig Creëren. Het succes van deze benaderingen wordt veroorzaakt door de aandacht die wordt gegeven aan zowel de harde kant als de zachte kant van programmamanagement. Deze worden weergegeven in de vier domeinen van het Creatielemniscaat: de zij-kant, de ik-kant, de wij-kant en de het-kant.

08-1

Programmatisch Creëren geeft geen normatief model van hoe programma’s moeten worden gemanaged. Programma’s verschillen door het programmadoel, de cultuur van de uitvoerende organisatie(s), de relatie tussen programma en lijn en de ervaring en persoonlijkheid van de programmamanager. Programmamanagement is maatwerk. Dit komt het best tot uitdrukking in het model van de sturingsvarianten, die ontstaan door de mate waarin de programmamanager budgetverantwoordelijkheid heeft en direct leiding geeft aan de projectleiders binnen het programma. Feitelijk draaien de varianten om de vraag hoe de relatie tussen het programma en de lijn wordt georganiseerd.


03-1

De keuze voor de sturingsvariant is niet absoluut. Veel programma’s kennen een hybride vorm, waarbij sommige projecten onder de directe sturing van de programmamanager vallen, terwijl andere projecten in de lijn worden uitgevoerd. Bij veel programma’s verandert de sturingsvariant gedurende de looptijd van het programma. De drie varianten hebben verschillende sterktes en zwaktes.

De variant ‘Sturen op basis van bevoegdheden’ heeft als kracht dat de sturing op de projectuitvoering maximaal is. Het is een effectieve en efficiënte vorm voor het realiseren van resultaten. Nadeel van deze vorm kan zijn dat de lijn zich niet verantwoordelijk voelt voor het programma. Er wordt feitelijk een tijdelijke nieuwe lijnstructuur opgezet. Zeker als de programmabezetting gerekruteerd wordt uit de lijnorganisatie, is de bereidheid tot samenwerking niet altijd vanzelfsprekend. Deze programmavorm is minder geschikt als de beoogde veranderingen vooral door de staande organisatie moeten worden gerealiseerd.

De variant ‘Sturen op basis van regie’ heeft als kracht dat de lijnorganisatie verantwoordelijkheid en sturingsmogelijkheden houdt over de uitvoering. De organisatie krijgt daardoor een sterker eigenaarschap waardoor de veranderdoelen breder gedragen worden. Dit vereist wel een sterk commitment van de lijn bij de programmavisie en de programmadoelen. Deze vorm is alleen werkbaar als de organisatiecultuur ruimte biedt aan samenwerking en niet teveel verkokerd is. Dit past bij de beweging die we bij veel organisaties zien waarbij opgavegericht werken centraal gesteld wordt.

De variant ‘Sturen met budget’ gaat uit van het principe dat de lijn (economisch) belang heeft bij de uitvoering van het programma. De programmamanager heeft een stevige onderhandelingspositie. De kracht van deze variant is dat de lijn sterk betrokken blijft bij het programma en dat de programmamanager een stevige sturende rol houdt. Het nadeel van deze sturingsvorm is dat de uitvoerende onderdelen vaak een sterke focus hebben op de eigen projecten en minder op de programmadoelen. Samenhang en samenwerking komt niet automatisch tot stand.

Organisatieregie richt zich sterk op gelijkwaardige samenwerking, zodat wij vaak de regievariant als uitgangspunt nemen. Dit betekent dat ook bij de variant waarin een echte programmadirectie wordt ingericht, veel aandacht uitgaat naar de samenwerking met de lijnorganisatie.

Programmatisch Creëren benadrukt het belang van de programmavisie en de strategische doelen. Deze worden vastgelegd in het programmacontract dat geldt voor de gehele looptijd van het programma. Voor de uitvoering wordt ingezet op faseplannen (vaak afgestemd op de jaarlijkse planning & control cyclus). In de faseplannen wordt invulling gegeven aan de inspanningen (projecten). Hierdoor ontstaat ruimte voor aanpassingen aan de externe ontwikkelingen

01-5

Programmatisch Creëren biedt ook veel handreikingen om te leren en de aanpassing van het programma. Dit gebeurt in verschillende evaluatie- en auditvomen tijdens de eilanden van reflectie.